Voorzorgsmaatregelen in verband met Coronavirus

Vivent volgt de richtlijnen van de RIVM in het belang van de gezondheid van onze cliënten en onze medewerkers. Wij nemen daarom voorzorgsmaatregelen in samenwerking met de GGD.

Lees meer

“Het is mooi dat je met iets kleins een groot verschil kunt maken”

Maandag 11 november 2019

Anne Kelders en Marjo Kerssens werken allebei bij Vivent. Marjo in de thuiszorg (‘extramuraal’, zoals ze dat noemen) als Verzorgende IG voor team Schijndel-Zuid en Anne in woonzorgcentrum Vivent De Hooghe Clock (‘intramuraal’) als Woonzorgbegeleider 3. Hoewel de ene ‘binnen’ en de ander ‘buiten’ werkt, zijn er naast verschillen ook veel overeenkomsten.

Anne: “Ik werk in een woning waar 10 cliënten wonen. Die zijn tussen de 85 en 90 jaar oud en hebben allemaal een vorm van dementie. Samen met hen, met familie en vrijwilligers runnen we een huishouden. Ik was onze cliënten, poets en kook voor ze. Ik ben er doorlopend voor de mensen, terwijl Marjo kortere bezoekjes aflegt.”

Marjo knikt: “Dat klopt. Ik werk in de wijk en kom bij de mensen thuis. Het werk dat ik daar doe varieert van wassen, aankleden en het aantrekken van steunkousen tot en met het uitvoeren van verpleegtechnische handelingen, zoals het zetten van een katheter. Ik ben meestal tussen de 30 en 60 minuten bij een cliënt, soms meerdere keren per dag. Als het kan, maak ik altijd een praatje met de mensen. Zij genieten daarvan, maar ik net zo goed, vooral als ze over vroeger vertellen. Dat vind ik leuk.”

Anne reageert: “Ja, dat vind ik ook super. Helaas heb ik niet altijd de mogelijkheid om langere tijd door te brengen met een bewoner. Er zijn er nog negen die zorg en aandacht nodig hebben. Maar als het kan, neem ik een bewoner mee naar het winkelcentrum in de buurt om een kopje koffie te drinken. Het stralende gezicht dat zo’n bezoekje oplevert, is goud waard.”

Signaleerfunctie

“Eigenlijk gaat mijn werk vooraf aan dat van Anne en haar collega’s die in onze woonzorgcentra werken”, legt Marjo uit. “Omdat ik bij de mensen thuiskom, heb ik een signaleerfunctie. Als ik denk dat iemand niet meer thuis kan blijven wonen – bijvoorbeeld omdat die de weg naar huis niet meer weet en niet mee voor zichzelf kan zorgen – haak ik de wijkverpleegkundige aan. Die gaat dan in gesprek met de cliënt en de mantelzorgers om samen de verhuizing naar een woonzorgcentrum te regelen. Dat is voor de betrokkenen vaak een emotioneel proces. Ik ga na de verhuizing regelmatig nog een keer op visite, zodat ik zeker weet dat de cliënt het fijn heeft. Dan kan ik het pas écht helemaal loslaten.” Anne knikt. “Op basis van de overdracht die wij van de collega’s uit de wijk krijgen, bereiden wij de komst van een nieuwe bewoner voor en weten we wat aandachtspunten zijn als we met de cliënt en mantelzorgers in gesprek gaan. We vinden het belangrijk dat we mensen goed leren kennen.”

Overeenkomsten

Beiden houden van de verrassingen die hun werk met zich kunnen meebrengen. “Je weet nooit wat de dag brengt”, zegt Marjo. “En het is mooi dat je met iets kleins een groot verschil kunt maken. Zo ging een cliënt naar een hospice. Hij was helemaal zenuwachtig, omdat de medicatielijst nog niet in huis was. Die ben ik gaan halen, zodat hij rustiger werd. Daar doe ik het voor. En toen ik studeerde, leefden de mensen enorm met me mee. Ze staken kaarsjes voor me aan en wilden met liefde en plezier meewerken aan praktijkopdrachten. Dat raakt me.” Anne vult enthousiast aan: “Er is een bewoonster die me altijd een knuffel wil geven als ik haar naar bed breng en me dan bedankt voor de goede zorgen. Zij geniet daarvan en ik voel haar waardering. Een mooi moment was ook toen we met onze bewoners naar de Beekse Bergen gingen. Hoewel zij daar de volgende dag niets meer van weten, is het heerlijk om de mensen te zien genieten. Dat maakt mijn werk extra leuk.”

Volg ons op